De bouw- en installatiesector in Nederland ondergaat een grote verandering door strengere regelgeving en een groeiende focus op duurzaamheid. Voor opdrachtgevers is het controleren van certificeringen daarom geen formaliteit meer, maar een essentiële stap om financiële en juridische risico’s te voorkomen. Samenwerken met partijen zonder de juiste certificaten, zoals VCA of bepaalde ISO-normen, kan gevolgen hebben voor veiligheid, aansprakelijkheid en de waarde van vastgoed.
Met de invoering van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) is de verantwoordelijkheid bovendien meer bij de marktpartijen zelf komen te liggen. Aannemers en installateurs moeten aantonen dat hun werk aan de regels voldoet. Toch bestaat in een markt met hoge druk en strakke deadlines nog steeds de verleiding om minder strikt met deze verplichtingen om te gaan, met mogelijke problemen die vaak pas later aan het licht komen.
De verborgen kosten van werken zonder keurmerk
Op het eerste gezicht lijkt het inhuren van een ongecertificeerde aannemer of installateur een kostenbesparende keuze. De offertes liggen vaak lager omdat er minder overheadkosten zijn voor audits, scholing en kwaliteitsbeheersystemen. Deze initiële besparing verdampt echter snel wanneer blijkt dat het geleverde werk niet voldoet aan de wettelijke bouweisen.
Herstelwerkzaamheden zijn in de regel vele malen duurder dan het in één keer goed doen, en in ernstige gevallen kan een gebouw zelfs onbruikbaar worden verklaard. Daarnaast speelt de economische realiteit een grote rol in de keuzes die gemaakt worden. De bouwproductie kromp in 2024 met circa 3%, wat een einde maakte aan 10 jaar aaneengesloten groei, mede door problemen in de nieuwbouw.
In een krimpende markt waar marges onder druk staan, is de kans groter dat malafide partijen proberen marktaandeel te winnen door onder de prijs te duiken. Zonder keurmerk is er geen externe partij die toeziet op de gebruikte materialen of de constructieve veiligheid.
Dit kan leiden tot situaties waarin bijvoorbeeld isolatiemateriaal wordt gebruikt dat niet brandveilig is, of constructies die niet berekend zijn op de belasting. De financiële strop die hieruit voortvloeit komt volledig voor rekening van de eigenaar, aangezien verzekeraars schade door ongecertificeerd werk vaak uitsluiten van dekking. Het goedkoopste aanbod blijkt hierdoor onderaan de streep vaak het duurste contract te zijn.
Aansprakelijkheid en het gebrek aan juridisch vangnet
Een van de grootste risico’s van het niet beschikken over de juiste documenten is de juridische onzekerheid die kan ontstaan bij conflicten. Wanneer een gecertificeerd bedrijf een fout maakt, bestaan er vaak geschillencommissies en garantiefondsen die opdrachtgevers kunnen ondersteunen.
Bij partijen zonder certificering is die structuur minder duidelijk, waardoor het lastiger kan worden om een oplossing te vinden wanneer problemen ontstaan. Hoewel het civiele recht mogelijkheden biedt, kan een gebrek aan formele documentatie de bewijsvoering ingewikkelder maken.
Het belang van duidelijke regulering zien we ook in andere sectoren waar consumentenbescherming centraal staat. In de online wereld, bijvoorbeeld, letten gebruikers steeds vaker op waar een platform gelicentieerd is. Veel internationale aanbieders opereren onder vergunningen van gevestigde toezichthouders buiten Nederland en hanteren uitgebreide veiligheidsmaatregelen en transparante voorwaarden.
Tegelijkertijd worden consumenten regelmatig geïnformeerd over de risico’s van gokken zonder wettelijke bescherming, zodat ze weloverwogen keuzes kunnen maken en platforms kunnen kiezen die onder toezicht staan van erkende autoriteiten, hun licentie tonen, eerlijke voorwaarden hebben en klantenservice bieden. In beide gevallen toont dit het belang aan van duidelijke regelgeving en transparantie voor het vertrouwen tussen aanbieders en gebruikers..
Kwaliteitsgaranties via erkende brancheorganisaties
Om de kwaliteit in de bouw te borgen, is het stelsel van certificeringen de afgelopen jaren flink uitgebreid en geprofessionaliseerd. De rol van de Toelatingsorganisatie Kwaliteitsborging Bouw (TloKB) is hierin cruciaal geworden. Zij zien erop toe dat de instrumenten die gebruikt worden voor kwaliteitsborging daadwerkelijk voldoen aan de wet.
Dit systeem zorgt ervoor dat er niet zomaar een stempel wordt gezet, maar dat er daadwerkelijk onafhankelijk toezicht is op het bouwproces. In 2024 heeft de Toelatingsorganisatie Kwaliteitsborging Bouw (TloKB) in totaal 52 beoordelingsrichtlijnen geregistreerd om de kwaliteit in de sector te waarborgen.
Deze beoordelingsrichtlijnen (BRL’s) vormen de ruggengraat van het kwaliteitsstelsel. Ze geven exact aan waaraan een proces of product moet voldoen. Voor een installateur betekent werken volgens een BRL dat hij aantoonbaar vakmanschap levert. Voor de opdrachtgever biedt het de zekerheid dat het eindresultaat voldoet aan het Bouwbesluit (nu Besluit bouwwerken leefomgeving).
Het negeren van deze richtlijnen is in de huidige markt eigenlijk geen optie meer, zeker niet nu de bewijslast bij oplevering is omgedraaid. De aannemer moet aantonen dat het werk goed is, in plaats van dat de opdrachtgever moet bewijzen dat het fout is. Zonder certificering is dat bewijs nauwelijks te leveren.
Veiligheid en regels als prioriteit stellen
De transitie naar het nieuwe stelsel van kwaliteitsborging verloopt niet zonder slag of stoot, maar de cijfers laten zien dat de sector stappen maakt. Het is een leerproces voor zowel aannemers als kwaliteitsborgers, waarbij de focus verschuift van achteraf controleren naar preventief borgen. Hoewel de opstartfase uitdagingen kent, zoals capaciteitsproblemen bij burgers en gewenning aan nieuwe software, is de beweging onomkeerbaar. Onder het nieuwe stelsel van de Wet Kwaliteitsborging zijn in 2024 in totaal 1.446 bouwprojecten in gevolgklasse 1 geregistreerd.
Dit aantal toont aan dat een significant deel van de markt de nieuwe realiteit omarmt, al is er nog een lange weg te gaan voordat elk project onder dit regime valt. Voor de toekomst van de bouwsector is het essentieel dat veiligheid en regelgeving niet als administratieve last worden gezien, maar als het fundament van een gezonde bedrijfsvoering.
Alleen door strikt vast te houden aan certificeringen en erkende kwaliteitsnormen kan de sector het vertrouwen van de consument behouden en incidenten voorkomen. Uiteindelijk levert bouwen volgens de regels niet alleen veiliger vastgoed op, maar ook een duurzamere en economisch stabielere bouwkolom voor iedereen.
© Unsplash