Artificial Intelligence is een tool die al je werk lichter maakt, zo wordt veel gedacht. Maar zo makkelijk is het niet, vindt Pim van Meer. “Zonder heldere dataset en toetsbare doelen krijg je met AI vooral snellere chaos”, stelt hij. En hij laat je zien hoe je AI wél voor je kan laten werken.
Ik ben verandermanager. En toch kan ik slecht tegen verandering. Jarenlang lagen AI- en spraaktools als speelgoed naast mijn toetsenbord: leuk voor erbij, niet iets om op te leunen. Tot ik letterlijk onderuit ging, mijn sleutelbeen brak en twee dagen koppig bleef proberen te typen. Ik kan sinds de basisschool blind typen — snel ook — maar ik praat vijf keer zo snel. Pas toen ik niet meer kón, móést ik echt schakelen.
Sindsdien ontstaan mijn stukken niet omdat ik romantisch tegen een telefoon praat en dat het dan in één keer perfect is. Een spraaktool zet alleen neer wat ik zeg. Een taalmodel bedenkt niet wat ik wil zeggen. De winst zit in de combinatie en het ritme: slim stapelen, niet één wondertool aanbidden.
Zo werk ik nu — en daarom werkt het
Ik begin met ruwe klei: in één take spreek ik de kern, een anekdote en het fileermoment in. Geen mooiigheid, wél vaart. Daarna vraag ik AI om orde en tegenwind: ranglshoeken. Niet om me te vervangen, maar om me te versnellen en terug te duwen waar het dun is. Vervolgens ga ik terug naar stem: zinnen die stroef lezen, spreek ik opnieuw in. Hardop praten schikken, gaten aanwijzen, alternatieve invalshoeken dwingen eenvoud af; je hoort meteen waar je hapert. Waar het kan, haak ik data aan mijn claims: doorlooptijden, revisielussen, datavolledigheid. En dan het kill-moment: één keer hard schrappen. Liever kort en scherp dan lang en lauw. Resultaat: elke week een column, zonder avondmarathons. Niet omdat tools “slim” zijn, maar omdat mijn werkvolgorde slimmer is.
Wat zegt dit over veranderen? Dat we allemaal schaapjes zijn die graag met de kudde meelopen — ik ook. Bekend voelt veilig, zelfs bij iemand die veranderen op zijn visitekaartje heeft staan. De grootste les van mijn sleutelbeen: echte verandering komt vaak niet uit moed, maar uit beperking. Pas als iets niet meer kán, ontstaat er ruimte voor iets beters. Noem het maar constraint-gedreven innovatie.
Op projecten werkt het net zo. Zolang “we het ook nog even op de oude manier mogen doen”, wint de gewoonte. Het kantelpunt zit in ritme met keuzes: eens per twee à drie weken in de ontwerpteam- of bouwteamvergadering exact dezelfde meters bekijken en besluiten loggen met stop, go of fix. Niet omdat iedereen ineens dolenthousiast is, maar omdat herhaalbare keuzes de drempel verlagen. Discipline > decibellen.
Wat AI wél en niet voor je doet
AI is geen autopilot. Het is een copiloot die drie dingen heel goed kan — áls jij je huiswerk doet. Lezen en uitleggen: met één bron van waarheid (model + datavelden) kan een digitale denkdienst vragen beantwoorden en iedereen dezelfde feiten laten zien. Toetsen: met drempelwaarden per ruimte (daglicht, geluid, WWS, toegankelijkheid) kan een kwaliteitsagent vóór de vergadering alvast voorsorteren. Samenpakken: met een strak besluitenlog vat een beslis-buddy het bouwteamoverleg samen, inclusief eigenaar en vervolg. Klinkt groot, begint klein: één use-case, één dataset, één ritme. Niet duizend varianten; twee die door het poortje kunnen.
De valkuilen waar ik zelf in trap
Tempo: AI verleidt tot sprinten voorbij het adoptievermogen van het team; vlaggendragers branden dan op. Perfectie: alles eerst dichtregelen is een elegante manier om niet te beginnen. Geen oogst: doorjakkeren zonder mini-ritueel. Ik ben daar slecht in. Vier minuten oogst aan het eind van een sessie doet wonderen voor motivatie.
Wat je vandaag kunt doen zonder taskforce of tenderfeest? Begin pijnlijk klein. Eén gebouwtype, vijf datavelden, één drempel per veld, één ritme. Laat AI alleen helpen waar de ruis zit: lezen, toetsen, samenvatten. Alles daarbuiten blijft gewoon vakmanschap. En als het schuurt in de vergadering, onthoud: doseren wint van drammen. Je overtuigt niemand door harder te praten dan hun adoptievermogen toelaat — ook al is je model perfect.
Kleine bekentenis tot slot
Ik zei ooit in een sessie: Geef mij vijf extra dashboards en ik regel draagvlak. Onzin. Draagvlak volgt geen grafieken; draagvlak volgt gedrag. Het gedrag dat je elke twee of drie weken samen oefent. Dáár past AI in: als stille motor achter duidelijkere keuzes, niet als sirene op het dak.
Het fileermoment
AI zorgt vanzelf voor versnelling.
Nee. Ritme zorgt voor versnelling. AI vergroot wat je organiseert: zonder heldere dataset, informatiebehoefte, toetsbare doelen en besluitcadans krijg je vooral snellere chaos. Met een minimale informatiebehoefte en vaste stop–go–fix wordt de verandering saai — en precies daarom onvermijdelijk. AI helpt je in je werk als je weet hoe je werk digitaal kan vertalen.
Over Pims digitale doolhof
In deze rubriek neemt Pim je mee in de soms wonderlijke, warrige maar snel veranderende wereld van digitalisering. Hij put uit zijn ervaringen die hij meemaakt als directeur digitalisering van VORM. Pim is uitgesproken, kritisch, maar wil jou bovenal helpen. Loop jij vast in het digitale doolhof? Pim helpt je naar de uitweg…. Heb je een vraag aan Pim of zoek je contact met hem? Volg Pim dan via LinkedIN.