In geval van een stroomstoring of overstroming, zeker gecombineerd met het wegvallen van het internet, is een gemeente op zichzelf aangewezen. In het kader van klimaatverandering en groeiende geopolitieke spanningen moeten steden aandacht besteden aan hun weerbaarheid. Tilburg zet de eerste stappen met een digital twin.
Tijdens verstoringen moeten gemeenten hun taken blijven uitvoeren, en daarvoor moeten ze ook weten welke inwoners en bedrijven kwetsbaar zijn. Die gegevens zijn er wel, maar zijn verspreid over heel veel bronnen en zijn dus heel onoverzichtelijk. Tilburg werkt eraan om al die gegevens samen te voegen en te combineren, zodat ambtenaren wijken, gebouwen en voorzieningen snel met elkaar kunnen vergelijken als de nood aan de man is. Dit schrijft Stadszaken.
Het systeem combineert informatie over onder meer leeftijd, zelfredzaamheid, zorglocaties, kinderopvang, gebouwfunctie, vloeroppervlak, bereikbaarheid te voet en met het openbaar vervoer en het risico op wateroverlast. Met al die data voert het systeem complexe simulaties uit.
Het eerste concrete product dat de digital twin heeft opgeleverd is een noodsteunpuntenscan. Daarmee is in kaart gebracht wat goede locaties zijn voor een noodsteunpunt, een fysieke plek waar inwoners bij langdurige uitval van stroom en telecommunicatie terechtkunnen voor informatie, contact met hulpdiensten of andere ondersteuning. Tilburg wil uiteindelijk zo’n veertig a vijftig van zulke locaties aanwijzen. Met de scan kun je vrij snel zien welke locaties in aanmerking komen en welke niet.
Het systeem maakt niet de keuze voor de locatie van het noodsteunpunt, maar is wel een goed hulpmiddel bij het selecteren van de locaties. Die keuze wordt zo objectief gemaakt.