Beton een tweede leven geven doet Vincent Hendriks al een tijdje. Hij gaat onverminderd door in zijn recycledrift. Nu zet hij zijn tanden in ZOAB. “Lukt je nooit…”
Vincent Hendriks is de vierde generatie Hendriks in het meer dan 100-jarige gelijknamige aannemersbedrijf in Oss. Maar voor het recyclen van beton heeft hij een eigen zaak ernaast opgezet. Zeven jaar is hij bezig geweest met het ontwikkelen van het proces, en nu bestaat het beton van NXT Building helemaal uit gerecycled materiaal, ook het cement. Dat scheelt een enorme hoeveelheid CO2-uitstoot, verzekert Hendriks, die het proces uitdacht.
In zijn voorkomen koppelt hij bravoure aan feitelijke nuchterheid. Als hij ergens zijn tanden in zet, laat hij niet meer los. “Natuurlijk kom je allerlei dingen tegen, maar je moet gewoon doorzetten”, zegt hij. “Veel mensen stoppen te snel als ze iets aan het ontwikkelen zijn. Ze pakken niet door, ik weet niet wat dat is. Er is altijd een oplossing.”
Urban mining
Met die instelling ging hij acht jaar geleden aan de slag met circulair beton. “Ik zat met wat kennissen in de circulariteit te praten, en samen schetsten we een machine die dat kon. Het zou mooi zijn als die machine er kwam, dachten we, dan konden we aan urban mining gaan doen.”
Vincent was degene die doorpakte. “We hebben eerst samen met een professor een modelletje gemaakt en gepatenteerd. Dat werkte niet. We hadden toen al een heel proces in gedachten. We brengen het oude beton eerst terug naar de kiezel. Dan gaat het in een snel ronddraaiende machine. Met zeven zorgen we ervoor dat de grove en fijne fracties van elkaar gescheiden worden en het zand gebruiken we dan weer om de rest te zandstralen.”
Begeleiding bij de sloop
Uiteindelijk zijn ze zeven jaar bezig geweest om dat te maken en te verbeteren. “Maar nu maken we het allerduurzaamste beton van Nederland”, zegt Vincent trots. “We leveren aan alle grote en kleine aannemers in de omtrek, ook voor prefab. We leveren hier in de buurt ook aan Volkel, de luchtmachtbasis. Die zitten daar met hun F35’s, dus CO2 is een probleem voor ze. Door die carbon credits maken we van duurzaamheid betaalbaarheid.”
Beton is het moeilijkst om te recyclen, gaat hij verder. “Daar zit staal in, er zit hout in.” Daarom is NXT Building ze al aanwezig bij de sloop om die te begeleide. “Als je dat niet doet, dan komt het niet goed. Daar zitten wij vrij nadrukkelijk op.” Hij memoreert dat een sloopbedrijf een partij beton aan hem had geleverd waar hij niets mee kon omdat het te vervuild was. “Dan zit je ermee, en het kost je geld om ervan af te komen.”
En dan asfalt
Na zijn succes met beton kreeg Vincent de smaak te pakken en richtte hij zijn aandacht op asfalt. Met zijn kennis van beton en keramiek moest het lukken om ook dat te hergebruiken. “Dat krijg je nooit voor elkaar, zeiden ze tegen me.”
Dus recyclet NXT Building nu ook oude ZOAB. “Bij ZOAB zijn bitumen het probleem. Hou daar een vlam bij, en je hebt uitstoot. Als je boven de één procent bitumen zit, dan zie je dat terug in de schoorsteen. Om daar onder te komen maken we er een heel kleine fractie van. Dan schoonmaken, zeven, wassen. Niks chemisch, heel schoon.”
Recyclen kan niet met alle soorten asfalt, benadrukt Hendriks. “We kunnen niets met asfalt waar teer in zit. En dus moet je ook hier bij het oogsten zijn, bij het frezen. We hebben heel strenge toelatingseisen. Maar daarom betalen we er ook geld voor.”
Doorstampen
En nu heeft Vincent ook zijn oog laten vallen op infrastenen, de bekende straatklinker. “Wij maken de mengsels en die leveren we aan de fabriek. En dat gaan we ook voor dakpannen en gevelstenen doen.”
“Wij stampen wel door”, gaat hij verder op zijn feitelijk droge manier, maar met een twinkeling in de ogen. En dat blijkt. Want NXT Building is net flink aan het uitbreiden. Het terrein in Oss waar ze zaten was veel te klein geworden, en dus heeft Hendriks even verderop een groot terrein van 4 à 5 hectare gekocht. Daar zijn ze nu aan het opbouwen.
De productie ligt daardoor op het moment van dit intervieween paar weken stil, maar dat is geen probleem. “Voor de vakantie hebben we veel gedraaid, zodat we veel hebben. Want als Geelen komt en iets wil hebben, dan moeten we wel leveren. En de productie gaat in de nieuwe hal naar keer twee. We zijn flink aan het groeien. Meer en meer mensen vragen ons: doe eens een prijs. Zo worden we het grootste centrum voor circulaire grondstoffen.”