Alles over bouwmaterialen en inrichting volgens de bouwbiologie

Bouw
6 juni 2024 | 7 minuten leestijd
Geschreven door: Marion de Graaff

Vanuit de bouwbiologie zijn er 25 richtlijnen opgesteld als uitgangspunt voor een gezonde, natuurlijke, duurzame en mooie leefomgeving. Deze richtlijnen zijn verdeeld in vijf hoofdthema’s: binnenklimaat, bouwmaterialen en inrichting, ontwerp en architectuur, milieu/energie/water, en eco-sociale leefomgeving. Bouwbioloog Nathalie Groot Kormelink licht dit keer het hoofdthema ‘bouwmaterialen en inrichting’ toe.

Nathalie Groot Kormelink schetst om te beginnen een historisch perspectief. ‘We bouwden vroeger zoals dieren dat deden: met natuurlijke materialen uit de omgeving, eenvoudig, passend bij de plek waar we woonden. Tot de industriële revolutie zijn intrede deed en we opeens de beschikking kregen over andere materialen zoals staal en beton. Maar de grootste omslag vond plaats in het midden van de vorige eeuw toen er ontelbaar veel synthetische materialen werden geïntroduceerd.’

120.000.000

Het is misschien moeilijk voor te stellen, maar er staan tegenwoordig zo’n 120 miljoen synthetische stoffen/materialen geregistreerd en er komen er iedere dag nog een paar duizend bij. Ongeveer 350.000 stoffen worden in industriële productieprocessen gebruikt. Van de meeste van die stoffen/materialen weten we niet precies wat het met de gezondheid doet. 

‘Van biobased maakten we dus een switch naar bouwen met synthetische materialen’, zegt Groot Kormelink. ‘Veel natuurlijke materialen worden tegenwoordig enorm bewerkt voor gebruik. Het is eigenlijk best gek om hout eerst te versnipperen, er dan allerlei synthetische middelen aan toe te voegen om er vervolgens plaatmateriaal van te persen. Bouwen is daardoor onnodig veel duurder en ingewikkelder geworden. Veel natuurlijke materialen zijn in de vergetelheid geraakt. Het is grappig om te zien dat daar nu weer aandacht voor komt. Denk aan isolatie: dat kan met wol, vlas, stro, hennep, katoen en andere producten die men vroeger ook gebruikte. In de traditionele bouw wordt vaak geïsoleerd met harde platen gemaakt van piepschuim, zoals PIR of EPS. Die ademen niet, ze zijn gemaakt van fossiele grondstoffen, en bij brand komen er giftige gassen vrij.’

Brandgevaar 

Bouwbiologen krijgen vaak vragen over de brandveiligheid van gebouwen waarin veel natuurlijke bouwmaterialen zijn verwerkt. Daarover zegt Groot Kormelink: ‘Er zijn inmiddels veel toepassingen waarbij de juiste brandweerbaarheidsklasse wordt behaald. Alles moet immers aan het Bouwbesluit voldoen dus toepassingen met biobased, natuurlijke materialen zijn gewoon veilig. Overigens is het belangrijk om ook te kijken naar hoe een brand zich verspreidt: dat is heel vaak door meubels, vloerbedekking of gordijnen waarin synthetische stoffen zijn verwerkt. De principes van de bouwbiologie zijn natuurlijk ook op de inrichting van toepassing. Ook daar zijn veel gezonde keuzes te maken.’

Testen en keuren

Groot Kormelink verbaast zich erover dat er in de traditionele bouw vaak gebruik wordt gemaakt van bouwmaterialen waarvan het effect op de gezondheid soms ronduit negatief is. ‘Medicijnen worden uitvoerig getest voor ze ter beschikking van patiënten komen’, zegt ze. ‘Er gaat soms wel een periode van tien jaar overheen voor het echt vrij wordt gegeven. Bij synthetische stoffen (die o.a. in bouwmaterialen zijn verwerkt) is het andersom en duurt het vaak een veelvoud van tien jaar voor er maatregelen worden getroffen. Van PFAS is al zestig jaar bekend dat het ziekmakend is, en na zeventig jaar werd eindelijk bevestigd dat asbest de longziekte asbestose veroorzaakt waarna men maatregelen trof. Maar waarom gaan we niet vooraf onderzoeken wat schadelijk is en wat niet? We zitten in de winter gemiddeld 22 uur binnen, dan zou je toch zeggen dat het belangrijk is dat een woning een gezonde omgeving is.’ 

Overigens wordt er ook in de wereld van de biobased producten aan greenwashing gedaan, stelt Groot Kormelink. ‘Vaak mag iets al biobased genoemd worden als het maar voor een klein percentage uit natuurlijke materialen bestaat. Ik vind dat je mensen niet voor de gek mag houden. Een ‘keuringsdienst van waarde’ zou daar met een label misschien duidelijkheid over kunnen verschaffen over de ‘gezondheid’ van een bouwmateriaal. Zo is er al het Nature Plus label, het internationale kwaliteitsmerk voor duurzame bouwproducten. Wil je voor dit label in aanmerking komen dan moet je alle bestanddelen van een product vrijgeven, dus ook de schadelijke componenten.’ 

Een gebouw ervaren

Bouwmaterialen hebben effect op de groei van schimmels, bacteriën en virussen. En ze hebben een effect op hoe we een gebouw ervaren: wat zien, horen, ruiken we? Groot Kormelink woont zelf in een houtskeletbouwhuis met houten binnenwanden. ‘Mensen die hier voor het eerst komen zie ik soms stiekem even zo’n wand aanraken: hoe voelt dat nou? Dat zouden ze niet doen als we hier stenen binnenmuren hadden. Ook hoe een gebouw eruit ziet, heeft invloed op de beleving. Wat we vandaag de dag helaas nauwelijks meer zien is het ambachtelijk verwerken van materialen. Alles moet snel en is functioneel. Dat heeft met kosten te maken: vroeger was materiaal duur maar arbeid goedkoop. Dus was het logisch om de tijd te nemen om met veel liefde en aandacht iets moois van zo’n duur materiaal te maken. Vandaar dat metselaars de prachtigste versieringen in gevels maakten. Nu is dat andersom. Arbeid is duur, terwijl producten ergens ter wereld goedkoop worden vervaardigd en na aankomst hier zo snel mogelijk verwerkt moeten worden. Want iets opslaan kost ook geld.’    

Dampopen bouwen

‘Bouwen zonder rekening te houden met ventilatie is als hardlopen in een regenjas’, stelt Groot Kormelink. ‘Het is heel erg oncomfortabel en niet verstandig. Dampopen bouwen is de beste manier, en natuurlijke bouwmaterialen helpen daarbij. Er moet een goede balans zijn tussen warmte-isolatie en warmte-opslag. Natuurlijke isolatiematerialen hebben dat evenwicht van zichzelf al heel goed, vele malen beter zelfs dan synthetische isolatiematirialen die de warmte van binnen wel kunnen vasthouden, maar de warmte van buiten niet goed kunnen tegenhouden.

‘Bij de bouw van een huis ontstaat er altijd vocht, bij een traditioneel gemetseld huis gaat het om duizenden liters. Als we weer even terugkijken: vroeger wisten mensen ook al dat dat niet zo gezond was: een paar honderd jaar geleden lieten rijke mensen hun nieuw gebouwde landhuis de eerste anderhalf à twee jaar leeg staan in verband met het vocht. Het kwam ook voor dat ze er tijdelijk mensen in lieten wonen die het zelf niet breed hadden. Tegenwoordig worden nieuwbouwwoningen met enorme bouwdrogers ontvochtigd, en dan nog is het bij oplevering zelden helemaal droog.’ 

Bewustwording

Groot Kormelink geeft sinds kort les aan studenten van de Academie van Bouwkunst aan Hogeschool Artez in Arnhem. ‘Het eerste wat ik ze vroeg is: hebben jullie wel eens van bouwbiologie gehoord? Niet eentje bevestigde dat. Nou ja, toen ik zelf aan de Academie studeerde, wist ik er ook niks van. Pas toen ik op latere leeftijd antwoorden ging zoeken op vragen waar ik mee bleef zitten, kwam ik op het spoor van bouwbiologie. Ik wil die jonge studenten niks opdringen, maar ze wel duidelijk maken wat er is en hoe het ook kan. Ook hier is bewustwording de eerste stap. Nadenken over alternatieven, en breder kijken.’

Gerelateerde artikelen