Commentaar | Over de bakstenen jurk van de minister

Thomas van Belzen
Thomas van Belzen
18 september 2026
3 min

De minister van bouwen spande de kroon deze week op Prinsjesdag. Niet om haar inhoudelijke boodschap, maar om de verpakking. Haar jurk.

Stijlvol zag ze eruit, dat zeker. Hoewel over smaak niet valt te twisten. Maar de jurk die minister Elanor Boekholt-‘O-Sullivan droeg, zal zonder twijfel wenkbrauwen hebben doen fronzen bij de nog altijd bescheiden, maar groeiende groep architecten en bouwers in Nederland die het liefst en bij voorkeur louter alleen nog bouwen met nagroeibare materialen, zoals hennep, vlas, lisdodde en hout.

Waarom? Het spraakmakende kledingstuk van de minister was een buiging voor baksteen. Of zoals de bewindspersoon voor volkshuisvesting en ruimtelijke ordening zelf verwoordde op LinkedIn: “Mijn outfit voor deze speciale dag is een verwijzing naar de opgave waar we voor staan: zorgen dat iedereen een dak boven zijn hoofd heeft. Het is ook een ode aan al die bouwers die in weer en wind de bakstenen stapelen om ervoor te zorgen dat die woningen er ook daadwerkelijk komen.”

Niets mis mee natuurlijk. En het is al helemaal sympathiek dat de 18-jarige fashionstudente Lente haar outfit heeft ontworpen. Want dat is het statement dat de minister maakte: het MBO is de kweekvijver voor talent.

En toch kun je er ook anders tegenaan kijken. Baksteen is niet alleen populair, maar ook een CO2-intensief product. Of beter gezegd: de baksteen doet het klimaat pijn. Zet dan dat jurkje maar eens af tegen de woorden die de minister een week eerder uitsprak tijdens een bijeenkomst van het Hollandse Biobased Bouwen Programma Building Balance.

In een houten school in Doetinchem toonde koningin Maxima zich uitgesproken fan van bouwen met duurzame materialen. De minister daarentegen was een stuk gereserveerder. Met zoveel woorden zei zij: “We moeten eerst veel en betaalbaar bouwen. Vervolgens moeten we zien of dat ook nog een beetje duurzaam kan.”

Een beetje dom, om het zo te verwoorden? Of is de oud-topvrouw van Defensie nou eenmaal meer van bunkerbeton en baksteen? Net zoals de commissies welstand in diverse steden die met geen haar op hun hoofden overwegen ruimte te maken voor fabriekswoningen, omdat die te veel afwijken van de bestaande (heilige) huizenbouw?

Mag natuurlijk en misschien moet het Hollandse straatbeeld wel worden beschermd. Maar terugdeinzen voor het CO2-probleem en de baksteen als symbool voor de hele Nederlandse bouwschool heilig verklaren is in een tijd van stikstof, CO2-problematiek en watercongestie niet handig. Willen we geen toekomstgerichte gebiedsontwikkeling?

En dan deel twee van haar uitleg: die door weer en wind stenen stapelen. Willen we juist niet af van zwaar werk? Niet juist meer industrialisatie, omdat we nu al zien dat nieuwe generaties maar moeilijk te porren zijn voor de bouw- en installatiesector?

Je kunt ook zeggen, waar gaat het over? We hebben het hier over een lapje stof, het zou over de inhoud moeten gaan. Over een gigantisch gebrek aan woningen, over energiearmoede, over procedures die stukken korter moeten, over slimmer bouwen. Uitstekend plan. Prinsjesdag maar snel vergeten dan?

 

‘Het elektriciteitsnet efficiënter maken kán niet zonder gelijkstroom’

‘Het elektriciteitsnet efficiënter maken kán niet zonder gelijkstroom’

Lees meer Pijl naar rechts icoon
Thomas van Belzen

Thomas is sinds 1 september 2025 hoofdredacteur Bouw & Installatie bij de Jaarbeurs. Daarvoor werkte hij bijna 20 jaar als (onderzoeks)journalist en podcastmaker en bij vakblad Cobouw. Hij schreef het boek Duurzaamheidsoorlog en was onder meer presentator van video-serie The Fixers en het Cobouw Café, een rondreizende talkshow.

Whitepapers

Innovatie in uitvoering: industrieel bouwen

Wees voorbereid op de bouwplaats van de toekomst.

Resultaatgericht Samenwerken (RGS).

RGS is een gestructureerde methode die vastgoedprofessionals direct ondersteunt bij kwaliteitsverbetering, kostenefficiëntie en verduurzaming.

Vijf tactieken voor meer productiviteit van field service teams

Digitale tools liggen aan de basis van een geslaagde digitale transformatie. Hoe werkt dat in de praktijk?